In de zomer liggen de baantjes voor veel (jonge) mensen voor het oprapen. En dat hoeft heus niet altijd biertappen of fruitplukken te zijn. Strandwacht bij de Reddingsbrigade kan bijvoorbeeld ook. “Je bent verantwoordelijk voor duizenden mensen. Maar een baantje bij de Albert Heijn verdient beter.”

Als zwemmers het strand niet meer kunnen bereiken, duikt Luke van der Veer het water in. Al tien jaar is hij strandwacht in Callantsoog. Hij begon toen hij nog op school zat en is, inmiddels student, opgeklommen tot postcommandant. “Het wordt niet heel goed betaald. Maar we doen het dan ook vooral voor de lol. En ik doe het elf weken lang, vijf dagen per week.”

Die lol betekent vaak ook acties uitvoeren om levens te redden van zwemmers, surfers of dobberaars op een luchtbedje op zee of een binnenwater. Eind juli noteerde de Reddingsbrigade Nederland een recordaantal van 2547 hulpverleningsacties. In één week. Door de hittegolf was het een topdrukte aan het water.

‘Van klein sneetje tot reanimatie’ 

Van der Veer benadrukt dat de Reddingsbrigade preventief werkt. “We zorgen juist dat er geen drenkelingen komen”, zegt hij. Een normale werkdag bestaat niet. “Er zijn altijd klusjes en we trainen veel, maar een dagschema maken is niet te doen. Er is geen touw aan vast te knopen. Soms is er een redding, soms vijf op een dag. Soms is een kind vermist, of wordt iemand onwel. En soms is er niets.”

Voor de Reddingsbrigade is dit een drukke zomer. “Van een klein sneetje of een kwallenbeet tot een reanimatie en alles daartussen, we komen allerlei incidenten tegen”, zegt Van der Veer. “Bij heftige incidenten wordt er veel over gepraat, en staat een professioneel opvangteam klaar. Maar iedereen houdt elkaar ook in de gaten.” 

Vergoeding 

In Callantsoog worden strandwachten betaald. Dat is lang niet overal zo. Bij de meerderheid van de 160 lokale reddingsbrigades wordt gewerkt met vrijwilligers. Die hebben als lid van de reddingsbrigade via hun contributie betaald voor hun opleiding. Nu werken ze gratis of tegen een vrijwilligersvergoeding als strandwacht. 

Katwijk wel betaald, Noordwijk niet

Volgens Sander Zeilstra van Reddingsbrigade Nederland hangt een salaris of niet af van in hoeverre de gemeente de reddingsdienst ondersteunt. Zo krijgt de Reddingsdienst in Katwijk drie keer zoveel geld van de gemeente dan die in Noordwijk. “Daardoor kunnen ze in Katwijk de strandwachten betalen.”

Vrijwilliger of betaald, de strandwacht moet wel wat kunnen voordat hij wordt ingezet. Zo moet hij 50 meter binnen 50 seconden kunnen zwemmen, dat is iets sneller dan een gemiddeld geoefende zwemmer het zou doen. Daarnaast moet je probleemloos 400 meter kunnen zwemmen zonder zwemvliezen en 25 meter onder water kunnen zwemmen waarbij je drie duikringen op de bodem van een zwembad moet verzamelen. En gewoon een goede conditie hebben.

Veel training, veel verantwoordelijkheid

Er wordt veel getraind, zegt Van der Veer. “Je leert veel over EHBO, rijden in het zand met de wagens, je leert varen. Als we geen inzet hebben, dan oefenen we veel. Dat begint al met jeugdleden, die vanaf hun 8e jaar spelenderwijs leren. Je leert over het strand, over hoe je mensen moet redden. Zo bereiden we mensen voor.” 

De minimumleeftijd om bij de strandwacht te komen is 15 jaar. Een maximumleeftijd is er niet. In Callantsoog is de gemiddelde leeftijd 20 jaar. Met zijn 25 jaar is Van der Veer de oudste in Callantsoog. De jongste vrijwilliger is 15.

“Je wordt snel volwassen hier”, vertelt hij. “Je krijgt ook veel verantwoordelijkheid, en dat gaat goed. De ploeg wordt ook een tweede familie. Na werktijd zijn we een vriendengroep en gaan we ook samen een biertje drinken. Je kan wel zeggen dat wij een van de betere werkomgevingen hebben.”